Dienstweigering en desertie.
De conscriptie was een onbekend verschijnsel in ons land en werd vanzelfsprekend door het merendeel van de
bevolking niet met enthousiasme ontvangen. Zodoende kwam dienstweigering voor.
In het ene departement minder dan in het andere. De Fransen hadden elders voldoende ervaring met dit verschijnsel
opgedaan om daartegen adequaat op te treden.
Van dienstweigering was zonder meer sprake als de dienstplichtige zonder kennisgeving niet opkwam bij de inschrijving
en loting. Onderzoek naar de reden daarvan werd niet gedaan. Dan volgde veroordeling door de Rechtbank van eerste aanleg.
Meestal tot een boete van 500 francs (ongeveer 250 gulden) te voldoen door de dienstweigeraar of diens ouders. Het
desbetreffende vonnis werd gepubliceerd en ook de maire van het domicilie van de dienstweigeraar werd op de hoogte gesteld.
Deze liet zich informeren over het wegblijven van de dienstplichtige of was vaak in de kleinere gemeente daarvan reeds
op de hoogte. In een groot aantal gevallen in Friesland bleek de dienstweigeraar soms al jaren als zeeman buitengaats te
verkeren. Iets dat met behulp van een groot aantal getuigen dan aan de Franse autoriteiten moest worden gestaafd.
De Franse gendarmes traden echter buitengewoon hard op indien de afwezigheid van de dienstplichtige ongeoorloofd was. Daarbij
dikwijls bijgestaan door de garde champètre, de veldwachter die tuk bleek te zijn op een gratificatie. In bepaalde gevallen vond
kazernering plaats waarbij de ouders en soms de buren van de afwezige dienstplichtige op hun kosten inkwartiering van de
gendarmes kregen.

Vonnis in geval van dienstweigering.
De leefomstandigheden in het Franse leger waren ronduit bedroevend.
Soldij werd niet of nauwelijks uitgekeerd en het gebrek aan voedsel werd groter naarmate het leger verder Rusland in trok.
Ook de omstandigheden van het lagere scheepsvolk aan boord waren vaak ten hemel schreiend. Op sommige schepen stierven de
manschappen als ratten. Ettelijke overleden in een hospitaal.
Voor wederwaardigheden van de Nederlandse dienstplichtigen
wordt verwezen naar hun
brieven.
Het is geen wonder dat massaal in het Franse leger
en de marine is gedeserteerd. De Franse prefect werd
dikwijls door middel van een signalement van de
desertie op de hoogte gesteld.
Deze
gaf de desertie soms door aan de maire van het
domicilie van de deserteur. De straffen waartoe de deserteur kon worden veroordeeld waren niet mals. Bijna zonder uitzondering
tot een boete van 1.500 francs, te voldoen door de deserteur of diens ouders. Soms tot de dood door de kogel of tot een aantal
jaren dwangarbeid met een zware ijzeren bal aan het been.

Signalement van de deserteur Jan Paasman